Spelling van het bijvoeglijk naamwoord

Uitleg

Het bijvoeglijk naamwoord heeft als afkorting BNW of BN en de Latijnse naam is adjectief. 

In deze uitleg leer je hoe je een bijvoeglijk naamwoord moet schrijven.  Je moet eerst weten hoe je een bijvoeglijk naamwoord kunt herkennen. Een bijvoeglijk naamwoord zegt iets van een zelfstandig naamwoord.


Regel

Een bijvoeglijk naamwoord eindigt bijna altijd op een -e. 

  • de lieve moeder
  • het mooie huis
  • de goede school


Uitzonderingen

Lidwoorden: de-woorden en het-woorden 

Als er voor een bijvoeglijk naamwoord het lidwoord 'een' staat moet je extra goed opletten. 

Bij de-woorden is het hetzelfde en blijft het bijvoeglijk naamwoord op -e eindigen.

  • de slimme vrouw - een slimme vrouw
  • de zwarte hoofddoek - een zwarte hoofddoek
  • de grappige jongen - een grappige jongen


Bij het-woorden verandert het bijvoeglijk naamwoord, dan staat er geen -e als uitgang.

  • het mooie huis - een mooi huis
  • het kleine meisje - een klein meisje
  • het blauwe schrift - een blauw schrift


Stoffelijke bijvoeglijk naamwoorden

Als een bijvoeglijk naamwoord een stof aangeeft (dus waar iets van gemaakt is) dan eindigt het bijvoeglijk naamwoord op -en.  

  • de gouden lepel 
  • het houten huis
  • een wollen muts 
  • een rieten dak

Heel moderne stoffen krijgen helemaal geen uitgang. 

  • een plastic bakje 
  • een polyester boot


Oefen hier met de spelling van bijvoeglijk naamwoorden.



Volgende

  • oefening naam