Het wederkerend voornaamwoord herkennen

Uitleg

Sommige werkwoorden gebruik je met een vorm van zich. Deze werkwoorden heten wederkerende werkwoorden. 


Het wederkerend werkwoord

Voorbeelden van wederkerende werkwoorden:

  • zich schamen 
    • ik schaam me
  • zich scheren
    • jij scheert je
  • zich vergissen
  • zich ergeren


De wederkerende voornaamwoorden

Het wederkerend voornaamwoord (reflexief pronomen) komt alleen voor in combinatie met een wederkerend werkwoord. Het wederkerend voornaamwoord verwijst naar de persoon. De wederkerende voornaamwoorden zijn dikgedrukt. Het wederkerend voornaamwoord is dus steeds een ander woord. Oefen met de werkwoorden met een vorm van zich.

enkelvoud

  • ik schaam me
  • jij schaamt je
  • u schaamt zich (u)
  • hij/zij/het schaamt zich

meervoud

  • wij schamen ons
  • jullie schamen je
  • u schaamt zich (u)
  • zij schamen zich


Je kunt eerst oefenen met het herkennen van het wederkerend voornaamwoord, daarna is het belangrijk om te oefenen met wederkerende werkwoorden in zinnen.



Voor € 15,- per jaar kun je een jaar lang alle oefeningen maken. Bestel nu!

Volgende

  • oefening naam